Gezond en fit met de schijf van vijf

‘Twee ons groenten, twee stuks fruit.’ Die slogan kennen we allemaal van buiten. Hij houdt verband met de schijf van vijf, een leidraad om gemakkelijk een gezond dieet samen te stellen. Wat houdt deze schijf ook alweer in?

Al in 1953 werd de schijf van vijf geïntroduceerd. Het Voorlichtingsbureau voor de voeding in Nederland voerde campagne om Nederlanders bekend te maken met het idee. Dat lukte heel aardig; bij een enquête in de jaren zeventig bleek driekwart van de ondervraagden de schijf te kennen. Het model is overigens typisch Nederlands: in bijvoorbeeld Vlaanderen praten ze over een ‘voedingsdriehoek’.

Vijf aanbevelingen

In 1981 werd de schijf van vijf vervangen door de ‘maaltijdschijf’, die slechts vier vakken had. Later werd deze weer ingeruild voor de zogenaamde ‘voedingswijzer’. Beide modellen sloegen veel minder aan bij het grote publiek, waardoor in 2004 de schijf van vijf weer in ere werd hersteld. Het Voedingscentrum, de opvolger van het Voorlichtingsbureau, voegde aan de vernieuwde schijf vijf aanbevelingen toe:

  • eet gevarieerd;
  • eet niet te veel en beweeg;
  • gebruik minder verzadigd vet;
  • eet veel groente, fruit en brood;
  • ga veilig met voedsel om.

Het is belangrijk om binnen de vijf vakken zoveel mogelijk te variëren. Eet en drink in elk geval dagelijks iets uit elke categorie voor een gezond dieet!

De vijf vakken

  1. Groente en fruit Voor vitamine C, vitamine A, foliumzuur, vezels en kalium. Deze producten verbeteren onder meer de bloeddruk en verkleinen het risico op hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker. Alle groenten en fruit tellen mee, ook uit blik of bijvoorbeeld in een smoothie (al heb je van die laatste dan meer nodig).
  2. Brood, ontbijtgranen, aardappelen, peulvruchten, graanproducten Voor koolhydraten, eiwitten, vezels, B-vitamines, calcium en ijzer. Deze producten geven je lichaam energie en zorgen onder meer voor een goede stoelgang. Varieer zo veel mogelijk en kies bij voorkeur voor de volkorenvariant van bijvoorbeeld rijst, pasta en brood.
  3. Water Om vochtverlies door bijvoorbeeld zweten en plassen aan te vullen. Vocht helpt onder meer je lichaam op temperatuur te houden en is noodzakelijk om voedingsstoffen op te nemen. Thee en koffie tellen ook mee. Pas op met frisdranken en alcohol, want deze bevatten vaak veel calorieën.
  4. Zuivel, vlees, vis, ei en vleesvervangers Voor eiwitten (de bouwstoffen van je lijf), calcium en ijzer. Deze producten helpen je lichaam om weefsel aan te maken, je botten gezond te houden en bijvoorbeeld bloed armoede te voorkomen. Eet liefst ook twee keer in de week vis, waarvan één keer vette vis. Probeer niet meer dan drie eieren per week te eten, vanwege het hoge cholesterolgehalte.
  5. Vet en olie. Voor vitamine A, D, E en essentiële vetzuren die je lijf niet zelf aan kan maken. Deze producten leveren brandstof voor je lichaam, verkleinen de kans op harten vaatziekten en zijn goed voor je cholesterol. Onder meer je botten, je ogen en je weerstand hebben baat bij deze voedingsmiddelen. Koop producten met zo min mogelijk verzadigd vet, bij voorkeur de ‘zachte’ soorten die smeerbaar of vloeibaar zijn.